Wat kost een puppy? De kosten van het eerste jaar op een rij
bijgewerkt oktober 20268 min lezen
Een pup kopen is één bedrag, maar daarna komen er nog flink wat kosten bij. Wie online zoekt, vindt voor het eerste jaar bedragen die uiteenlopen van ruim duizend tot meer dan tienduizend euro. Hieronder staat wat mensen gemiddeld uitgeven, uitgesplitst in de aanschaf, de eerste spullen en de vaste kosten per jaar, plus de kosten die vaak vergeten worden. Het zijn gemiddelden, geen bedragen die je moet hebben. Niet iedereen heeft hetzelfde te besteden, en dat hoeft ook niet. Daarom lees je ook waar je verstandig op kunt besparen en waar je dat liever niet doet.
Kort antwoord. Wat een pup kost, verschilt sterk per gezin. De grootste uitgave is meestal de hond zelf: volgens het LICG gemiddeld €250 voor een volwassen hond uit het asiel tot €1.500 voor een pup met stamboom. Daarna geven mensen gemiddeld ongeveer €59 per maand uit aan voer, speelgoed en gewone dierenartskosten. Dat zijn gemiddelden en geen minimum. Met tweedehands spullen en verstandige keuzes kan het een stuk zuiniger. Waar je niet op bezuinigt, zijn de vaccinaties en de dierenarts als het nodig is.
Wat er in dit artikel staat
Wat kost de pup zelf?
De aankoopprijs hangt vooral af van waar je hond vandaan komt. Het Landelijk InformatieCentrum Gezelschapsdieren (LICG) houdt gemiddelde prijzen bij. Dit zijn de bedragen uit hun overzicht van oktober 2025:
| Waar je hond vandaan komt | Gemiddelde aanschafprijs |
|---|---|
| Pup met stamboom | €1.500 |
| Pup zonder stamboom, van een fokker die het beroepsmatig doet | €1.300 |
| Pup zonder stamboom, via internet | €1.080 |
| Hond die in het buitenland op straat leefde | €420 |
| Volwassen hond uit een Nederlands asiel | €250 |
Een gemiddelde zegt niet alles. Bij een populair ras kan de prijs een stuk hoger liggen, en bij een kruising uit een nest bij kennissen of een herplaatsing kan het juist lager uitvallen.
Is een pup online opvallend goedkoop? Kijk dan extra goed. Bij pups die via internet worden aangeboden, is de herkomst volgens het LICG vaak onduidelijk. Welke vragen je dan stelt, en wanneer je beter zonder pup naar huis gaat, staat in vragen aan de fokker. Die vragen helpen net zo goed als je niet bij een fokker koopt, maar via een advertentie, een asiel of iemand in je omgeving die een nest heeft. Komt je hond uit het buitenland, dan gelden er strenge regels rond de vaccinatie tegen hondsdolheid. Ook die staan in hetzelfde artikel.
De eerste spullen en een cursus: gemiddeld €525
Naast de hond zelf rekent het LICG met gemiddeld €525 aan eenmalige kosten. Daar zit dit in:
- het registreren van de chip;
- een mand met een kussen;
- een halsband en een lijn;
- een voerbak en een waterbak;
- een borstel en een kam;
- twee speeltjes;
- een autogordel voor de hond;
- één cursus.
Dat is een gemiddelde. Wie spullen tweedehands koopt of leent, of de cursus later doet, komt een stuk lager uit. Een bench zit er trouwens niet bij, terwijl veel mensen er wel een kopen. Welke maat je nodig hebt, lees je in welke bench past bij je pup. Wat je de eerste week echt nodig hebt, en wat je rustig kunt laten liggen, staat in de eerlijke lijst met puppyspullen. Daar zie je ook dat een deel van wat er als puppyspullen wordt verkocht, eigenlijk niet nodig is.
Elk jaar terug: gemiddeld €710
De vaste kosten schat het LICG op gemiddeld €710 per jaar. Dat is ruim €59 per maand. Het gaat om droogvoer, speelgoed en de gewone dierenartskosten, zoals vaccinaties, ontworming en een middel tegen vlooien.
Hoeveel je aan voer kwijt bent, hangt vooral af van de grootte van je hond. Een grote hond eet meer dan een kleine, en dat merk je elke maand. Goed voer hoeft niet het duurste voer te zijn. Kijk bij puppyvoer wel of er "volledig diervoeder" op de verpakking staat. Dan is het bedoeld als complete maaltijd en niet als aanvulling.
Wat er vaak niet in de bedragen zit
Een aantal kosten zit niet in de bedragen hierboven, en juist die vallen in het eerste jaar vaak tegen. Het LICG noemt ze zelf:
- Een verzekering. Of je die neemt, is een keuze. In is een puppyverzekering nodig? staat wat een verzekering wel en niet dekt, en hoe je het ook met zelf sparen kunt doen.
- Onverwachte dierenartskosten. Een gewoon consult overdag kost volgens het LICG gemiddeld zeker €50. 's Avonds of in het weekend ben je al snel €150 tot €200 kwijt, en dan komen onderzoeken en medicijnen er vaak nog bij.
- Hondenbelasting. Niet elke gemeente heft die. Volgens COELO, dat de lokale lasten elk jaar vergelijkt, doet in 2026 nog 29 procent van de gemeenten dat. Waar het wel moet, ligt het bedrag volgens het LICG tussen ongeveer €15 en €140 per jaar. Op de site van je gemeente zie je wat het bij jou is.
- Castratie of sterilisatie. Dat is niet verplicht, en het is een keuze die je samen met je dierenarts maakt. Bij een teef rekent het LICG op €410 tot €580, afhankelijk van het gewicht, en op €100 tot €200 extra als het met een kijkoperatie gebeurt.
- Een vervolgcursus, trimmen, een oppas, een pension of een uitlaatservice. Of je dat nodig hebt, hangt af van het ras, je werk en jullie vakanties. Dat verschilt zo sterk per gezin dat er geen goed gemiddelde voor te geven is. Reken het daarom zelf uit als het bij jullie speelt.
Met een kleiner budget: waar je verstandig op bespaart
Niet iedereen heeft hetzelfde te besteden, en hoeveel je aan je pup uitgeeft, zegt niets over hoe goed je voor je pup zorgt. Een pup heeft vooral een vaste plek nodig, rust, goed voer, een dierenarts als het nodig is en mensen met geduld. Daar hoeft niet alles nieuw of duur voor te zijn.
- Spullen tweedehands kopen of lenen. Een bench, een mand of een traphekje kun je prima tweedehands kopen of lenen van iemand die ze niet meer gebruikt. Maak ze wel goed schoon voordat je pup erin gaat. Een bench met een verkleiner groeit mee, dan hoef je later geen tweede te kopen.
- Eerst alleen de eerste week kopen. Veel kan wachten tot je weet wat je pup nodig heeft. In de eerlijke lijst staat ook wat je helemaal kunt overslaan.
- De hondenbelasting nakijken. In ruim twee derde van de gemeenten betaal je die niet. Kijk het wel na, zodat het geen verrassing wordt.
- Cursussen vergelijken. De prijzen verschillen sterk per hondenschool en vereniging. Vraag wat er in de prijs zit en hoe groot de groepen zijn.
- Een vast potje voor de dierenarts. Neem je geen verzekering, zet dan elke maand een vast bedrag opzij. Dan is een onverwacht bezoek minder een klap.
Waar je liever niet op bezuinigt, zijn de vaccinaties, de ontworming en een bezoek aan de dierenarts als je twijfelt. En kies niet alleen op prijs. Bij een pup met een onduidelijke herkomst weet je niet goed wat je in huis haalt.
Het eerste jaar bij elkaar opgeteld
Wil je weten wat dat gemiddeld samen is? Tel je de aanschaf, de eerste spullen (€525) en een jaar vaste kosten (€710) bij elkaar op, dan kom je op de bedragen hieronder. Het zijn rekensommen met de gemiddelden van het LICG, zonder de extra kosten die hierboven staan. Zie het als een richtlijn om mee te rekenen, niet als een bedrag dat je moet hebben voordat je aan een hond mag beginnen.
| Waar je hond vandaan komt | Eerste jaar samen |
|---|---|
| Pup met stamboom | ongeveer €2.735 |
| Pup zonder stamboom, van een fokker | ongeveer €2.535 |
| Pup zonder stamboom, via internet | ongeveer €2.315 |
| Hond uit het buitenland | ongeveer €1.655 |
| Volwassen hond uit het asiel | ongeveer €1.485 |
Vanaf het tweede jaar vallen de aanschaf en de eerste spullen weg. Dan blijven vooral de vaste kosten over, plus wat er onverwacht gebeurt.
Waarom de bedragen online zo uiteenlopen
Zoek je op wat een puppy kost, dan vind je voor het eerste jaar bedragen van ruim duizend tot meer dan tienduizend euro. Dat verschil ontstaat doordat niet iedereen hetzelfde meetelt. De een rekent een dure rashond, een operatie of een jaar oppas en pension mee, de ander alleen het voer en de spullen.
Daarom gebruiken we in dit artikel de gemiddelden van het LICG. Het LICG is een stichting die voorlichting geeft over het houden van huisdieren, en verkoopt zelf geen verzekeringen, voer of pups. Gebruik die bedragen als begin van je eigen rekensom, en vul ze aan met wat bij jullie gezin hoort.
Veelgestelde vragen over de kosten van een puppy
Wat kost een puppy per maand?
Volgens de gemiddelden van het LICG ongeveer €59 per maand aan voer, speelgoed en gewone dierenartskosten. Een verzekering, hondenbelasting of een oppas komen daar nog bij als je die hebt.
Is een grote hond duurder dan een kleine?
Meestal wel. Een grote hond eet meer, en een behandeling zoals een castratie wordt duurder naarmate de hond zwaarder is. Ook een bench en een mand in een grote maat kosten meer.
Wat kost een hond uit het asiel?
Voor een volwassen hond uit een Nederlands asiel rekent het LICG gemiddeld €250. Heeft het asiel een pup, dan kan het bedrag anders zijn. Vraag wat er in de prijs zit, bijvoorbeeld de chip, de vaccinaties en een castratie.
Komt je pup binnenkort?
De Eerste 8 Nachten is een gratis nachtplan van acht bladen: waar je pup slaapt, hoe laat je de wekker zet, en nacht voor nacht wat je kunt verwachten.
Haal het gratis nachtplan opDirect in je mail. Geen kosten, afmelden kan altijd.
Verder lezen
- Wat je echt nodig hebt voor je pup, en wat niet.
- Is een puppyverzekering nodig?
- Vragen aan de fokker, en wanneer je beter naar huis gaat.
- Welke bench past bij je pup, per maat.
- De ophaaldag: van ophalen tot bedtijd.
Bronnen: LICG, Praktisch: Wat kost een huisdier? (versie oktober 2025, gemiddelde prijzen 2025); COELO, Atlas van de lokale lasten 2026. De bedragen zijn gemiddelden en verschillen per ras, regio en dierenarts. Dit artikel geeft algemene informatie en is geen financieel advies.